Posts tonen met het label dance. Alle posts tonen
Posts tonen met het label dance. Alle posts tonen

Stateless - Matilda

>> vrijdag 4 maart 2011

Het eponieme debuut van Stateless werd ondanks enkele goede kritieken gemengd ontvangen en dus niet zo breed gedragen als ik verwachtte. Ongetwijfeld was mede de ambigue marketing als pop en/of dance. Er kon Stateless aan de popkant een clichématige werkwijze worden verweten en aan de dancekant ontbrak een definitieve dansbare punch. Wat mij betreft waren het echter uiterst sterke popsongs met snijdende, geladen vocalen die goed gebruik maakten van de extra dimensie uit de soundscape-achtige dance-elementen. Het heeft enige jaren geduurd voordat Stateless met nieuw werk komt, maar de herkansing komt in de vorm van Matilda.

Het is behoorlijk andere koek dan die ik hier voornamelijk serveer. Dat kan alleen als er een goede reden voor is. Stateless, op hun nieuwe label Ninja Tunes, brengt de daarbij passende electronische beweging in hun muzikale stijl tot voltooiing. Hoewel Matilda songs bevat die dansbaar genoemd kunnen worden en voorzien zijn van behoorlijk heftige beats en brommende bassen, kost het even voordat de groove van het album zich nestelt. De nog altijd indrukwekkende vocalen van Chris James, ondanks bewerkingen, komen telkens bovendrijven om de luisteraar als volleerd loods naar de veilige haven van de pop te leiden. Alleen al de kracht waarmee de onderlagen van de songs de luidsprekers uitrollen verhult even de grote mate van complexiteit in de opbouw. Hun debuut was toegankelijkere kost, maar toentertijd al ambitieus te noemen. Op Matilda lijkt de ambitie van Stateless zo mogelijk nog groter.

Er wordt uit diverse inspiratiebronnen geput. Single Ariel lijkt een vleugje van het mediterrane Midden-Oosten te hebben opgepikt, terwijl er wat oude muziek echoot in de lijnen van Visions. Voor de drammende culminatie van Assassinations is gebruik gemaakt van samples van My Brightest Diamond. Middels een ambient compositie als tussenspel, komen we aan bij I’m On Fire waar vervolgens Shara Worden zelf haar stem voor leende. Bovendien is dat één van de nummers waarop avantgardistisch strijkkwartet Balanescu meespeelt. Daarmee voegt Stateless zich aan een rijtje artiesten waar onder andere David Byrne, Michael Nyman en Kate Bush in thuishoren die eerder al medewerking van dit kwartet genoten. In het geheel lijkt de zwierige bombast in I’m On Fire bijna bescheiden. Met dit nummer vindt overigens een tijdelijke kentering in het karakter van de plaat plaats. Het structuur van het poplied wint het van sfeer. Tegelijkertijd heeft Stateless hier ten opzichte van hun debuut wel een extra klanklaag aan toegevoegd door de aanwezige strijkers. Toegegeven, de begerigheid waarmee een scala aan muzikale contrasten wordt gecreëerd komt her en der over als pretentieus effectbejag. Matilda is absoluut geen alledaagse plaat.

Het zal wederom moeilijk zijn een gepast publiek te vinden. Dance heeft de macht gegrepen, maar dat wil nog niet zeggen dat Stateless een album maakte waarop je onbegrensd uit je dak kunt gaan. Meeslepend is het wel, zij het in de zin van intrige. In feite is iedereen uitgenodigd om eens te gaan luisteren. Goede kans dat het tijd nodig heeft of stilistisch niet je voorkeur blijkt. Desondanks is het moeilijk denkbaar dat het gros van de mensen niet vroeger of later een keer wordt bevangen. Het is met enige trots dat ik momenteel hun thuisbasis deel.

Read more...

Seahawks - Secrets of the Deep

>> maandag 31 mei 2010

Iedereen die zich ooit heeft afgevraagd hoe dancemuziek met postrockinvloeden in de oceaan zou klinken, doet er goed aan eens bij Seahawks te gaan buurten. De EP Secrets of the Deep brengt een zestal nummers die, ondanks hun stevige plaats in de ambient hoek van de dance, zich weten te distanciëren van de massa. De manier waarop allerhande aquageluiden worden gebruikt, vervormd of nagebootst, in de nummers is fascinerend en maakt een luisterbeurt zelfs voor non-believers interessant. Secrets of the Deep is niet uitzonderlijk catchy, noch uitermate dansbaar. Bovendien is het net niet de muziek om nu eens hip op te gaan zitten chillen vanwege de zware grooves. Het is een vorm van dance die dergelijke soundscapes produceert dat het vooral loont echt te luisteren. Al helemaal als is geweten dat in hun geluiden flarden soulvolle shoegaze en zonnige beachpop de ronde doen. Het een is opmerkelijk groots klinkend werk dat zonder meer het genre weet op te rekken. Overigens gebiedt eerlijkheid mij te zeggen dat Secrets of the Deep slechts een begeleider is van de High Tides/Astral Winds 7” ‘picture vynil’ van Seahawks. Bij een huidig gebrek aan een platenspeler heb ik beluistering daarvan voorlopig uit moeten stellen. Dat neemt niet weg dat Secrets of the Deep alleen al voor muzikale waterratten de moeite waard is. Wie weet, Seahawks zou zo maar eens de perfecte band kunnen zijn voor jouw zomer.

Read more...

Darwin Deez - Darwin Deez

>> maandag 3 mei 2010

Op de hoes prijkt een eenvoudig bewerkt portret van een ietwat zonderling, nog onvolgroeid, figuur. Dat kan niet worden gezegd van zijn muziek. Die staat namelijk als een huis. Goed, het mag misschien hier en daar wat zonderling zijn. Het eponieme debuut begint bijvoorbeeld met de woorden ‘twinkle twinkle little star’ in het nummer Constellations. Laat dat echter niet de verkeerde verwachtingen wekken. Darwin Deez’s spitsvondige singer-songwriterstijl is namelijk zwaar op de beats en zonnige electropop.

Desondanks wordt het nergens uitgesproken dance, zoete pop of vergelijkbaar met percussiezware freakfolk. Darwin Deez heeft zich duidelijk door het laatste hoofdstuk in zijn leven, New York City, laten inspireren. Zijn debuut klinkt erg origineel en lekker fris. Als zijn voorliefde voor de anti-folk liefhebbers van het Sidewalk Café hebben geleid tot het volgen van dat genre, zou het label voor Darwin Deez nooit terechter zijn gebruikt. Zijn songs klinken grootstedelijk en prikkelend. Één van de nummers heet zelfs The City. Desondanks lijken ze te zijn gemaakt met de eenvoud en ambachtelijkheid van folk. Door de puntigheid in de beats en ritmes in combinatie met rockende electropop komt een vergelijking met Phoenix om de hoek kijken. Het loont het ook niet veel verder te kijken, want Darwin Deez blijft van a tot z zichzelf en doet daarmee menigeen een groot plezier. Het enige minpunt van de plaat is wellicht dat zijn eigenzinnige stijl nog niet heeft geleid tot grote diversiteit. Dat is een hoofdstuk om naar uit te kijken, want op basis van die schier perfecte debuut moet er wel een opvolger komen. Voorlopig hebben muziekliefhebbers een fijn vooruitstrevend plaatje te consumeren, te beginnen met de leuke single Radar Detector.

Read more...

John & Jehn - Time for the Devil

>> vrijdag 23 april 2010

Het dualisme van het Frans-Londense duo John & Jehn werd op hun voorgaande plaat benadrukt door twee aparte schijfjes voor één album te gebruiken. Ze werden door het label snel onder de noemer new wave geschaard, maar bleken veel breder en behoorlijk wat eigen karakter te bezitten. Met Time for the Devil mogen ze gaan bewijzen of ze zich weten te distantiëren van de grote diversiteit aan psychedelische en punkinvloeden uit het verleden. Lang laten John & Jehn ons niet in spanning. Alles wat de eponieme voorganger eventueel miste, komt solide samen op Time for the Devil, te beginnen met het catchy, dansbare titelnummer. Het orgeltje is nog steeds aanwezig in de stijlmix, net als ruimtelijke elektronische accenten, puntige ritmiek en een donker, rauw garagerandje. John & Jehn heeft het allemaal en is een sterkere band geworden met een eenduidiger geluid. De voorbodes waren door enkelen al herkend, maar nu met Time for the Devil lijkt hun charismatische sound echt klaar voor een groter publiek. John & Jehn leveren een opvallend sterk staaltje moderne, energieke en plezierig ongepolijste pop.

Read more...

Balthazar - Applause

>> zondag 21 maart 2010

Inmiddels krijgt de Belgische Humo Rock Rally ook bij ons redelijke bekendheid en dat is te danken aan de fijne platen die de wedstrijd nadien oplevert. De band Balthazar nam echter ruim de tijd om hun debuut te smeden. Ze wonnen de Rally namelijk al in 2006. In 2007 en 2008 scoorden ze in België al hits met de singles This Is a Flirt en Bathroom Loving/Situations. De tijd tot nu is zo te horen prima besteed. Balthazar heeft een zeer solide en flexibel geluid ontwikkeld; een stijl die treffend wordt omschreven als ‘puntig en laidback’. Syncopatische ritmes en sluitend grijpende melodielijnen repeteren in plezierige grooves. De productie is zo gebalanceerd dat geen van de beats te pregnant wordt en te allen tijde van het popliedje kan worden genoten. Hiervoor hebben de Belgen hun tripje naar de Noorse producer Yngve Leidulv Saetre (Royksopp, Kings of Convenience e.a.) mede te danken. Heel af en toe hoor ik een beetje van het type songschrijverschap waar I Am Kloot zich van bedient, hetgeen alleen als compliment kan worden opgevat. Met dit alles ontlopen ze clichés en weet Balthazar zich heerlijk idiosyncratisch te nestelen. Tegelijkertijd kent vrijwel ieder nummer pittige hitgevoeligheid. Dergelijk kunstje laat menig talent groots doorbreken. Zoals vaak het geval is met een plaat vol hitgevoelige muziek draagt Applause een risico op verveling. Balthazar verkent echter op prachtige wijze de grenzen die de aangemeten stijl hun biedt. Applause is zonder meer een droomdebuut en Balthazar een band die het juk van succes binnenkort waarschijnlijk voelt drukken.

Read more...

Broken Bells - Broken Bells

>> vrijdag 19 maart 2010

De single The High Road zal bij velen al bekend zijn. Een samenwerking tussen twee zeer succesvolle muzikanten kan dan ook niet ongemerkt passeren. Onder de naam Broken Bells gaan producer Danger Mouse (Brian Joseph Burton) en James Mercer, zanger en gitarist van The Shins, schuil. Producer Danger Mouse heeft al een indrukwekkend lijstje samenwerkingen op zijn naam staan. De meest bekende en ongetwijfeld de succesvolste is als helft van het duo Gnarls Barkley, maar hij werkte ook met het beroemde Gorillaz. Daarnaast speelde hij met Sparklehorse en was hij deel van het project The Good, the Bad and the Queen.

Gezien de indie invloeden van The Shins doet Broken Bells misschien nog wel het meest aan de recente samenwerking tussen Danger Mouse en folkzangeres Helena Costas onder de naam Joker’s Daughter denken. Tot mijn verrassing kreeg die plaat nog niet de helft van de aandacht die nu naar Broken Bells gaat. Desondanks was ook The Last Laugh een heel interessante en leuke plaat. Het is duidelijk dat Danger Mouse een constante factor is als een zeker publiek en kwaliteit gewenst is. Hij kan met veel verschillende genres uit de voeten en steelt bovendien de show in het proces. Broken Bells is stilistisch gezien niet het meest opvallende document. Het bestrijkt een ruim scala aan sferen. Op dit album gaat het van een mooie popsong via ambient pop naar dansbare dance pop. De laag beats, synths en elektronica ligt er niet te dik bovenop, maar is voldoende aanwezig om soms zelfs het label elektropop te verdienen. Er is altijd met een graad van perfectie en een onmiskenbare groove aanwezig.

Natuurlijk bestaan er talloze bands en artiesten die redelijk vergelijkbare muziek maken, zij het meestal niet op één plaat verenigd. Het opmerkelijke aan Broken Bells zit verscholen in het feit dat het duo alle nummers volkomen smetteloos zijn. Alle invloeden komen zonder knarsende botsing samen en lijken vanuit de losse pols op de plaat terecht te zijn gekomen. De enige kritiek die te leveren valt, omvat ook gelijk de sleutel tot het succes. Broken Bells klinkt namelijk erg lekker, maar ook braaf. Door dat laatste is echter wel een zeer groot publiek aan te spreken. Bovendien als je op dit niveau presteert, mogen nummers best braaf zijn, want ze zijn tegelijkertijd ook steengoed.

Read more...

The Nocturnal Suite (Moodgadget)

>> donderdag 11 maart 2010

Moodgadget is een jong en ambitieus label gevestigd in Brooklyn en LA. Hun motto: exposing the diversity in electronic music. Dat motto dragen ze inmiddels al zes jaar uit en in die tijd zagen al twee eerdere compilaties het levenslicht: The Rorschach Suite en The Synchronicity Suite. Hoewel de huidige compilatie, The Nocturnal Suite, maar liefst 24 nummers bevat, zijn daarmee drie goedgevulde albums net genoeg om alle muzikanten die zich bij Moodgadget hebben aangesloten een plekje te gunnen. Dat zijn er namelijk al meer dan zeventig en het mooie is, de meeste mensen zullen er daarvan met moeite een handvol kennen. Dat geeft gelijk het doel aan van deze releases door Moodgadget. The Nocturnal Suite laat van 22 nieuwe en veelbelovende acts één nummer horen (en Shigeto krijgt er twee). Doordat de gemene deler uit creatief gebruik van elektronica bestaat, blijft echter enige samenhang gewaarborgd. Een ervaren mixtape liefhebber had het waarschijnlijk niet beter gedaan. Vanaf het eerste moment kan het ontdekken beginnen. Openingsnummer Rich Doors van New Villager is goed gekozen. Het catchy ritme stemt gunstig en pakt lekker de aandacht vast. In zoveel muzikale diversiteit als The Nocturnal Suite bevat, is het onmogelijk dat ieder nummer zo opvalt. De muzikanten tonen dat elektronica zich laat vormen tot vele genres. Zo bestaat het op zweverige folk geënte City Center naast de dansbare klanken van Body Language en de spannende, melodische beats van Wisp. Andere interessante tracks zijn van The Landau Orchestra en Khonnor, maar het kan worden verwacht dat iedereen zijn eigen keuzes maakt op deze rijk geschakeerde plaat. Nadeel aan dergelijke pluriformiteit is het wisselende niveau. Daarom luidt hier het devies: zet de plaat op en pik de krenten uit de pap.

Read more...

Rival Consoles - The Decadent EP

>> maandag 8 maart 2010

Wederom een EP van Ryan Lee West, oftewel Rival Consoles. Met zeven composities komt The Decadent EP daar wel dicht in de buurt van een volledig album. Gezien de evenzeer progressieve als avant-gardistische werken die deze man uit Leicester maakt, schuilt er ook een zekere wijsheid in platen van korte duur. Hoewel zijn composities uitermate interessant luistermateriaal vormen, bestaat er, net als bij excentrieke progressievelingen als Aphex Twins of Autechre, een grens voor het achter elkaar beluisteren van dergelijke werken. Door de relatief korte nummers is dat geen zorg op The Decadent EP. Bovendien bevat de stilistische formule van Rival Consoles een fikse dosis dramatisering vanuit de klassieke muziek. Die sterk hoorbare invloed vormt als een plezierige rode draad houvast gedurende de meer experimentele, zwaarder op bliepjes en beats rustende elektronische chaos. Ryan Lee West is als componist veel minder op zoek naar het ontlokken van emotionele reacties dan bijvoorbeeld Ólafur Arnalds in zijn met elektronica doorspekte composities. Zijn werk is ook veel fragmentarischer van aard dan de subtiel uitgewerkte composities van Arnalds. Het verschil lijkt te zitten in het feit dat Arnalds als klassieke componist en pianist een ander uitgangspunt kent. Ryan Lee West blijft meer aan de experimentele en dance kant van het spectrum. Dat maakt het beluisteren van hun beider werk naast elkaar extra intrigerend.

Read more...

jj - n° 3

>> vrijdag 26 februari 2010

De Zweedse band jj wist de ogen van de muzikale wereld op zich te richten door snel achtereen n° 1 (eerste single) en n° 2 (hun geroemde debuutplaat) uit te brengen. Daarom maken ze nu hun debuut op het kwaliteitslabel Secretly Canadian met hun tweede album, niet verrassend n° 3 geheten. Driemaal is scheepsrecht en met de juiste promotor achter zich kan de band groeien naar een grotere toekomst. n° 2 werd een echt zomeralbum genoemd en n° 3 gaat hoe dan ook een winteralbum worden. Het geluid past daar echter prima bij. jj’s pop klinkt over de hele linie onderkoeld, maar laat dit je niet bedriegen. De elektronische klankdekens en drums spreiden een heerlijk wollige deken voor je uit. n° 3 is een album waarin het prima nestelen is. Saaiheid wordt behendig ontweken door creatief gebruik van synths, elektronica en versierselen, terwijl in de ritmiek diverse spannende dingen gebeuren die knipogen naar R&B, soul en Caraïben. Daardoor krijgt het album diep van onderen toch een warme gloed. Hier kan een aardige vergelijking worden gemaakt met Alaska in Winter, hoewel jj’s mix een stuk subtieler is en eleganter in elkaar zit. Dit album laat de luisteraar de keuze of hij wil dromen of dansen, hetgeen onverwachts lekker uitpakt ondanks de op het eerste gehoor iele sfeer.

Read more...

Sone Institute - Curious Memories

>> dinsdag 19 januari 2010

Zoals gebruikelijk bij het Front and Follow label worden kopers getrakteerd op een handgemaakte verpakking voor de plaat. In deze snel digitaliserende tijden is dat een niet te evenaren troef. Maar Sone Institute is niet alleen afhankelijk van het label om op te vallen. Bij opening brengen de opmerkelijk bij elkaar geplakte klankcombinaties mij direct op een mentale vergelijking met Yonderboi. Dat is voldoende om met de oren gespitst deze plaat in te duiken.

Roman Bezdyk is de elektronisch kunstenaar achter Sone Institute. In de film bestaat al lange tijd het genre ‘found footage’, het album Curious Memories is opgebouwd uit ‘found sounds’. Deze klankcollages klinken niet altijd even samenhangend, maar intrigeren op verschillende niveaus gedurende de hele plaat. Het mag duidelijk zijn dat het hier een experimentele plaat betreft en dat de vergelijking met Yonderboi slechts op bepaalde momenten echt steek houdt. Van een popsong is eigenlijk nergens sprake. Als er al vocalen worden gebruikt, is dat puur als klankelement. De kwaliteit van de complexe soundscapes is niet altijd even hoog. Een haast onoverkomelijk euvel bij dergelijke muziek, want niet iedere verrassende klank zal bij eenieder even goed vallen. Verrassingen en een element van verwachting zijn echter voortdurend aanwezig. Veel van de samples zijn elektronisch, maar daarnaast komen flarden klassieke muziek, dance, jazz of zelfs een soulvolle piano voorbij. In deze jungle aan geluid vinden hypnotiserende samenkomsten plaats en ontstaan zinderende tableaux vivants. Het is overwegend aangenaam dwalen in het vriendelijk chaotische eclecticisme. Curious Memories biedt de luisteraar vooral een zoektocht naar momenten van persoonlijke betovering. Gelukkig is de speurtocht zelf erg spannend, waardoor een beloning vrijwel kan worden gegarandeerd.

Read more...

Archive - Controlling Crowds Part IV

>> woensdag 11 november 2009

De afgelopen albums van het collectief Archive rondom Darius Keeler en Danny Griffiths waren allen ontegenzeggelijk overweldigend. Controlling Crowds was enkele maanden geleden het nieuwe hoofdstuk en alsof een bijna tachtig minuten durend opus nog niet voldoende was, wordt er met Part IV een hoofdstuk aan toegevoegd. Part IV kan als los album worden aangeschaft of samen met de eerdere drie delen van Controlling Crowds. De nieuwe plaat doet dan ook geenszins onder voor een volledig album.

Met de voorgaande drie albums (inclusief Controlling Crowds) vond Archive steeds meer een stabiel eigen gezicht dat met iedere release en tour nieuwe liefhebbers aan zich bond. Dat proces wordt met Part IV alleen maar voortgezet. Controlling Crowds vergrootte het contrast in de idiosyncratische songstructuren van accentuerende stijlen. Hoewel die aanpak minder subtiel is dan voorheen, leverde dat een album op dat je op onbewaakte momenten op een emotionele afgrond brengt. Part IV gaat ook weer voortvarend van start. De rol van rap, zoals Archive met Londinium in 1996 ooit begon, wint op alle delen van Controlling Crowds terrein. Gelukkig is het rap van de goede soort. Toch vergroot het ook de delen van de albums die minder melodische subtiliteit bevatten. Aanvankelijk lijkt Part IV zelfs de grote contrasten te schuwen en daarmee af te vlakken en minder dynamische rijkdom in zijn muzikale lagen te bevatten. Anderzijds is het ook mogelijk dat je na tachtig minuten gewoon zelf bent afgevlakt van het behoorlijk muzikaal geweld dat eraan vooraf ging. Een luistersessie van Archive is een mooie ervaring, maar beslist geen sinecure. Met The Empty Bottle hervindt Archive op Part IV toch weer de rust om je zintuigen op scherp te zetten en met enkele verrassingen te komen. De overgang van het etherische Come On Get High naar de typerende Londinium rap van Tought Conditioning is ijzersterk. Later hoor je een klassiek aandoende ballade als To The End en met het atypische Lunar Bend vindt Controlling Crowds als geheel een zacht bevredigend en comfortabeler eind dan met Funeral. Het echte eind is ingeruild voor perspectieven.

Part IV geeft Controlling Crowds een extra dimensie die zeker niet als overbodig kan worden bestempeld. Waarom het collectief er dan voor koos om de plaat in tweeën uit te brengen, in plaats van direct als dubbellaar, blijft onduidelijk. Het werkt in de hand dat de luisteraar op zoek gaat naar bestaansrecht en verschillen in een groot muziekstuk dat kennelijk als geheel moet worden behandeld. De volgende keer mag het van mij weer op de gebruikelijke wijze, hetgeen overigens niets afdoet aan de wederom opmerkelijke kwaliteiten van dit verlengde nieuwe Archive document.

Read more...

Raz O'Hara and the Odd Orchestra - II

>> dinsdag 27 oktober 2009

De intro van dit tweede album van het duo Raz O’Hara (Patrick Rasmussen) en Oliver Doerell laat er geen twijfel over bestaan: II is duidelijk geen herhalingsoefening. Er is een krachtige, donkere ondertoon in aanwezig die het gehele album doorloopt. Raz O’Hara and the Odd Orchestra, zoals het duo door het leven gaat, staat nog altijd garant voor zeer rijke en experimentele elektropop. Daarbij schuwen ze de klassieke popcompositie niet, noch gaan ze invloeden uit modern klassiek, jazz of folk uit de weg. De mellow melancholie van het eponieme debuut is weggeëbd om voor dieper liggende lijnen plaats te maken. Er heerst een opmerkzame sfeer die zowel uiterst donker als hoopvol kan klinken. II lijkt de organische structuren van de wereld op impressionistische wijze te willen vatten en werkt uitstekend als een intieme koptelefoonplaat. De rustige ritmes en sussende lyriek in Patrick’s stem werken urgent in op het gemoed. II klinkt avontuurlijker dan de eenvoudige opzet van het debuut en prikkelt daarmee de nieuwsgierigheid. Het levert een nog veel spannender album op, hetgeen wel ten koste gaat van de toegankelijkheid. De veeleisende muziekliefhebber wordt daar juist gelukkig van. De uitgesponnen muzikale lijnen zijn uitbundiger, de kalmte van de cadans is misleidend. Raz O’Hara and the Odd Orchestra balanceren met II constant op de grens van overweldigende ontroering, maar waken ervoor die te overschrijden. Daardoor raakt de luisteraar verstrikt in een web zwanger van emoties dat slechts bijdraagt aan schoonheid van de plaat.

Read more...

Yoñlu - A Society In Which No Tear Is Shed Is Inconceivably Mediocre

>> donderdag 30 juli 2009

Het is goed mogelijk dat ik één van de weinigen ben die de muziek van Yoñlu op het spoor kwam zonder het diep tragische verhaal achter de singer-songwriter erachter te kennen. De zeer talentvolle lo-fi knutselpop van de Braziliaanse Vinicius Gageiro Marques heeft een fantastische atmosfeer. Met een absurd gemak start het album met het nummer I Know What It’s Like; een ongelofelijk knappe indie gitaarpopsong die doet denken aan het beste werk van ondergewaardeerde de Britse band Alfie. Het zet zeker de toon voor het bitterzoete album, maar voorspelt weinig van wat er komen gaat. Iedere song afzonderlijk heeft een zeer aangename sfeer die je keer op keer verder een diepe donkerte in lijkt mee te slepen. Vreemd genoeg gaat dat gepaard met een constant ontspannende berusting. De mooie, inventieve klankcollages en betoverende gitaarpartijen verhullen echter de thematiek op A Society In Which No Tear Is Shed Is Inconceivably Mediocre. Die is namelijk gitzwart, op het verontrustende af.
Achteraf zou dit alarmerend hebben moeten werken. Maar in de muziek van Yoñlu schuilt een vastberaden visie van enorme, ongrijpbare schoonheid en wie zou daartegen bestand zijn geweest? De zachte, diepe stem van Vinicius snijdt onplezierige en maatschappelijk controversiële onderwerpen aan. Tegelijkertijd stelt de muzikale invulling gerust. De smaakvolle wijze waarop Yoñlu traditionele, opgewekte Braziliaanse muzikale thema’s door laat klinken, draagt nog eens aan die begoocheling bij. Juist in Yoñlu’s ongereserveerde omgang met allerlei muzikale genres ligt de sleutel voor de lofzang die hij muzikale ontroering brengt.
Op exact dit moment drijft er een zware regenwolk over mijn hoofd die een massieve, verticale wolkbreuk inleidt. De perfecte aanleiding om de tragische tranen achter deze wonderbaarlijke plaat prijs te geven. Singer-songwriter Vinicius Gageiro Marques is namelijk een jongen van nog maar zestien jaar oud. In de wereld van deze jonge gaat een hoop ellende en verdriet om. Zodanig zelfs dat zelfmoord de enige uitweg lijkt. Ook zijn muziek gaf niet genoeg verlichting. Het onvermijdelijke vond plaats en hij liet zijn ouders niet meer na dan een brief en een disc. Hierop stonden de prachtige, avontuurlijke popgeluiden die door Luaka Bop nu als album aan de wereld zijn toevertrouwd. Als je dit weet bemerk je dat de zelfmoord op verschillende manieren wordt aangekondigd. Zelf heb ik redelijk onbevangen naar de muziek kunnen luisteren, dat is de lezer van deze recensie waarschijnlijk niet langer gegund.
In de context van al deze droefenis wordt het album misschien nog wel mooier, hoewel wellicht ook te beladen. Aan de andere kant, dit wetende, kan het album alleen vanwege het verhaal al een cultsucces worden. Een succes dat het zeker verdient, maar in mijn ogen beter op een andere manier kan bereiken. Het zit namelijk vol onwereldlijke vondsten die bij iedere luisterbeurt weer doen verbazen. Het is bijna onvoorstelbaar dat een jongen van zestien jaar hiervoor verantwoordelijk is. Wat is het tergend dat dit gelijk het eerste en laatste is dat we van hem zullen horen. Toch geeft die tragiek ook een bijzonder gevoel. Laat je verdwijnen in de ongemakkelijke schoonheid en probeer de opzienbarende emoties in de muziek zelf te proeven.

Read more...

Sleeping States - In the Gardens of the North

>> dinsdag 28 juli 2009

Het voorgaande album, There the Open Spaces, kreeg niet de aandacht die het verdiende. Het was een opvallend album waarop Sleeping States, oftewel singer-songwriter Markland Starkie, indruk maakte met een oorspronkelijke kijk op muziek en een kenmerkende sound. Toch had ik het gevoel dat hij zijn muzikale identiteit nog niet volledig had ontwikkeld. Nu biedt echter het jonge, toonaangevende label Bella Union Sleeping States onderdak met overweldigend resultaat. Het album opent onheilspellend met een minimalistische, donkere basgitaarpartij en de bronzen stem van Markland, waarover kwistige lagen van ongepolijste noise.
Vanaf deze norse opener zet Sleeping States een melodisch offensief in. Er worden daarvoor vooral vlakke lagen met minimalistische trekjes gebruikt. Daarin grijpt hij terug op zijn debuut, maar blijkt grotere aandacht voor schoonheid te hebben. Er zijn stijlkenmerken van bijvoorbeeld Fink of José Gonzales in te ontdekken. De composities van Sleeping States kennen echter vollere arrangementen en expressievere spanningsbogen. Daardoor sluit hij even gemakkelijk aan bij bepaalde indiepop- en folkbandjes. Desondanks lijkt er onder deze muzikale invulling een fundament van ambient en dance schuil te gaan. Dit fundament is volledig uit zijn originele verband gerukt. Toch vormt het op schetsmatige wijze de blauwprint voor de dromerige, lome songs van Sleeping States. Markland voelt bijzonder goed aan welke elementen van de hedendaagse pop-crossovers zijn muziek het beste dienen en springt er vervolgens spaarzaam en uiterst zorgvuldig mee om. Daarnaast blijft hij een liefde voor rauwe noise, nostalgische jazz en klankexperimenten koesteren. Ook passeren beroemde inspiratiebronnen als Borges en Kafka uit de literatuur en Britten uit de klassieke muziek de revue.
Dit alles geeft In the Gardens of the North zijn ontvankelijke onvoorspelbaarheid. Waar het debuut nog vele vormfactors en combinaties aftastte, kent de opvolger een verfrissend en soms betoverend zelfvertrouwen. Als de zware, fluwelen deken van een stormfront rolt Sleeping States over je heen en laat een mooie, verwachtingsvolle stilte achter.

Read more...

Andy Nice - The Secrets of Me

>> maandag 6 juli 2009

Het debuut, The Secrets of Me, van cellist Andy Nice komt uit op het nieuwe Front & Follow label dat tot nu toe vooral experimentele door elektronica getinte artiesten een huis bood. Andy Nice is geenszins een beginneling. Hij heeft al muziek opgenomen en gespeeld met onder andere Luke Haine’s Baadar Meinhof, Cradle of Filth en Orbital. Ook is hij cellist bij de ‘dancestrijkers’ van Instrumental. Momenteel treedt hij op en maakt hij opnames met het illustere Tindersticks. Dit laatste vormt een mooi aanknopingspunt voor zijn eigen werk op The Secrets of Me. Vorig jaar verraste Ben Sollee ons met een prachtige singer-songwriterplaat waarop zijn cello een hoofdrol speelde. Het werk op dit album is echter instrumentaal en maakt gebruik van alle facetten van het instrument. Alleen op het slotnummer, Somebody Take Me Home, klinken de fluwelen vocalen van singer-songwriter Maple Bee (Melanie Garside) en een subtiel aangevuld arrangement.
Hoewel dit mag klinken alsof Andy Nice een album vol klassieke kamermuziek heeft gemaakt, moet ik dit tegenspreken. Er wordt aan alle voorwaarden voor die benoeming voldaan, maar de stijlen waarop zijn composities zijn gebaseerd, passen veel beter bij pop of dance. The Secrets of Me klinkt zo donker als je zou verwachten; met diepe emoties dooraderd. Op geïnspireerde en unieke wijze gebruikt hij flageolets en pizzicato om scherpe, bijna dansbare, ritmes neer te zetten. De klankkleur van zijn cello krijgt dan het karakter van elektronische bliepjes. Daarnaast strijkt hij slepende lagen op een licht ritmische manier, zodat er minimalistisch aandoende ambient soundscapes ontstaan. Alle klankperspectieven die de cello biedt, lijken te worden benut. Hierdoor vindt Andy Nice toch natuurlijk aansluiting bij andere Front & Follow acts. Hij laat horen dat elektronica niet altijd nodig is om muziek te maken in de stijlen die door dat medium zijn toegeëigend. De akoestische en solistische aanpak brengt een doorleefde, persoonlijke atmosfeer in het spel die elektronica vaak mist. Ondanks zijn ervaring als musicus is The Secrets of Me een gedurfd debuut dat om een minstens zo onbevreesd publiek vraagt. Wie zich vasthoudt aan een vastomlijnde beleving van muziek, zal zich geen raad weten met Andy Nice. Voor diegenen met een avontuurlijke en open geest, zal The Secrets of Me een prachtige, intieme openbaring zijn.

Read more...

Alan Lauris - Different Frequency

>> dinsdag 30 juni 2009

Bij dezen ben je gewaarschuwd, Alan Lauris’ muziek is lang niet voor iedereen weggelegd. Naar aanleiding van het openingsnummer moest ik zelf ook mijn hoofd ernaar zetten. Daarna gaat dat echter gauw beter. De retro techno geïnspireerde geeft wel gelijk een rode draad aan, maar wordt op geen enkele manier herhaald. Dat geeft al gelijk de vernieuwingszucht van Alan Lauris aan. De liefde voor elektronica, die vanzelfsprekend in een veelvoud aan vormen aanwezig is op het album, en de singer-songwriter methode heeft een eclectische uitwerking. Dat levert even gemakkelijk kleine pareltjes op als zwaar op humor berustende niemendalletjes, waarin zijn verleden als cabaretier in weerspiegelt. Dat tweede had van mij niet gehoeven, maar de echt inventieve, sfeervolle composities maken het album de moeite waard. Daarin is een groot scala aan geluiden verenigd. Ontleding daarvan draagt eigenlijk weinig bij aan het begrip. De Nederlandse alternatieve pop lijkt in de vorm van Bauer, Mist en Ghost Trucker heel lichtjes aanwezig op Different Frequency. Daarnaast van je soms een verrassende glimp op van populaire genres als hiphop en RnB. Bovendien gaan bij Alan Lauris ‘shredder’ en de Nederlandse evenknie ‘papierversnipperaar’ hand in hand. Hij spitst de oren op de minst voor de hand liggende plaatsen om vervolgens aan het experimenteren en herinterpreteren te slaan. In essentie is hij een studioartiest, maar soms is hij te verleiden voor een optreden in elektronische setting of met de vleugel. Het zijn excentrieke kunststukjes die zowel afkeer als interesse kunnen opwekken.

Read more...

Fink - Sort of Revolution

>> zondag 14 juni 2009

Al direct bij Biscuits for Breakfast was ik volledig overtuigd van de muziek van Fink, aka Fin Greenhall. Dit tweede album noem ik met opzet, want zijn eerste Ninja Tune release was van een heel andere orde; namelijk een relaxte DJ plaat. Tot verbazing van velen ontpopte hij zich met Biscuits for Breakfast tot een begenadigd singer-songwriter. Het betrof een uitgeklede vorm van pop waar zeker zijn interesse in de dance en funk in terug te horen was en zo af en toe een excursie richting folk ondernomen werd. De basis werd gevormd door een prettig gitaarspel met een lichte groove. Zijn getemperde, hese stem kleurde fantastisch bij de frugale arrangementen. Alle composities zaten trefzeker, met uiterste precisie in elkaar, hetgeen het effect tot verrassende niveaus maximaliseerde. Gelukkig bleef het niet bij deze plaat. Hij perfectioneerde die sound zo mogelijk nog verder op Distance and Time, een album dat alsmaar mooier werd. Toch liep het grote publiek nog niet uit. Dat lijkt met Sort of Revolution te veranderen. Plotseling is er veel aandacht, wat mij doet fronsen en afvragen of er iets veranderd zal zijn.
Fink wordt doorgaans bijgestaan door Guy Whittaker (Bas) and Tim Thornton (drums). Slechts op subtiele wijze komen daar nu regelmatig klanken bij van andere instrumenten. Hoewel er bijzonder veel in de muziek gebeurt, misschien ook omdat je als luisteraar de neiging hebt tussen de noten door te luisteren, blijven de meeste songs relatief leeg en op de vlakte. Deze minimalistische soberheid is suggestief en daar zit de kracht. Fink laat ons de vrijheid, waardoor we extra bij zijn songs betrokken raken. Zijn unieke geluid staat erg op zichzelf. Alleen de aanpak van de Nederlandse Hartog (Hartog Eysman) bewoog met zijn zuivere debuut in die richting. Sinds Fink met Biscuits for Breakfast de Rubicon overtrok, voltrekt de evolutie zich op een prettig laag tempo. Anders dan de titel doet vermoeden, brengt Sort of Revolution ons weinig nieuws, maar alle aandacht is meer dan terecht. Het is hoe dan ook raadzaam met Fink te gaan kennismaken.

Read more...

Passion Pit - Manners

>> woensdag 10 juni 2009

Nadat op internet de sfeer rondom Passion Pit al flink was opgestookt kwam de niet mis te verstane debuut EP Chunk of Chance, maar de vuurdoop in de echte wereld beleeft de groep pas met dit album. Ze brengen een vlammende, geëngageerde mix van jaren ’80-’90 electropop en trekken die dwingend naar deze tijd. Er is slechts ruimte voor zweverige, lieve melodielijntjes als de puntige, dansbare ritmes hebben ingezet. Daarbovenuit klinken falset vocalen die doen denken aan een mix van Bon Iver en Arcade Fire. Op eerste gehoor een aparte combinatie, maar het past wonderwel en zet die actuele klank nog dikker aan. Dijken van arrangementen geven de energieke composities net dat innemende poprandje dat hun geluid zo multi-inzetbaar maakt. Manners gaat de elektronische knutselpop ver voorbij en blijft de monotone dram van de dance te slim af. Sympathieke geluidjes toveren al gauw een genietende glimlach op je gezicht. In de juiste scene brengt Passion Pit een hitgevoelig geluid. Met voorgangers in eveneens populaire acts als Junior Boys en Hot Chip naast menig andere populaire indie electropopband heeft Passion Pit geduchte concurrentie. Ze tonen genoeg eigen gezicht om dat aan te kunnen. De voortekenen hebben niet teveel beloofd. Plezier is het sleutelwoord!

Read more...

Magic Wands - Magic, Love and Dreams EP

>> maandag 8 juni 2009

Wat is er betere reclame voor je sterallures dan een voorproefje van je kunnen alvast aan het publiek voor te stellen? Het formaat van de EP voorziet in die behoefte en het uitbrengen van dergelijk visitekaartje legt de meeste artiesten geen windeieren. Na wat songs is Magic, Love and Dreams de eerste release van dit nieuwbakken duo. We hebben opnieuw te maken met een spruit van Myspace, hoewel op een iets andere manier dan gebruikelijk. Dit keer was het niet zozeer het publiek dat als een blok viel voor het duo, maar het tweetal vond elkaar via Myspace, werd verliefd, trouwde en bezegelt dit met de muzikale uitspatting: Magic Wands. Daarmee is de titel direct verklaard. Het mag gezegd dat het resultaat van deze samenkomst een stuk beroerder had kunnen uitpakken. De stijl die de echtelieden zich eigen maakten, is een combinatie van ‘80s techno en discobeats, een synthpop deken en een postpunk punch. Dat resulteert onder andere in het zeer pakkende ritme van Black Magic en het retro geluid van Teenage Love. Met een wat minder rauw, doch minstens zo energiek geluid als duo John & Jehn eerder dit jaar, ligt succes op de loer.

Read more...

The Whitest Boy Alive - Rules

>> vrijdag 29 mei 2009

Waar ik eerst zo mijn twijfels had (want is dit soort ‘lounge pop’ niet eigenlijk te simplistisch om serieus te nemen?), ben ik nu helemaal om. Wat een verraderlijk lekker plaatje is dit! En het vernuft is verre van lui of simplistisch. Iedereen die een aantal maanden terug goed oplette, wist dit natuurlijk al. Daarom beoog ik vooral de sceptici aan te spreken. The Whitest Boy Alive geeft ons met Rules een album om van te smullen met binnen het genre een duidelijk eigen gezicht. De manier waarop de plaat ontwapent, kan ik vergelijken met de eerste twee albums van Zero7, een band die ook in eerste instantie niet door iedereen serieus werd genomen. Daar kan inmiddels een flinke lijst prima artiesten aan worden toegevoegd, zoals The Go Find, Saint Etienne, Thief, Raz O’Hara and The Odd Orchestra of Pacific! Muziek raakt mij emotioneel, puur op schoonheid, maar van nature heb ik niet gauw de neiging daarbij te bewegen. Samen met het debuut van The Spinto Band en geselecteerd werk van Saint Etienne maakt dit indrukwekkend gemakkelijke Rules wel wat in mij los. De mix van elektropop en dance voelt perfect aan en, hoewel dansbaar, blijven de ritmes prettig laidback. Inmiddels is het seizoen aardig bijgetrokken en kan deze plaat en plein public zijn slag gaan slaan. Geniet er met volle teugen van!

Read more...

Doelstelling van deze blog

Meer aandacht voor het (nog) onbekende. In tenui labor of toch niet?

Mededelingen

Donderdag 1 juli: deze week weer een frisse herstart verwacht.
Kort reces tot 13-05-10.
Na een kort reces vandaag (24-02-10) weer aan de post. Inmiddels is deze blog twee jaar geworden!
Gedurende december zullen er minder recensies worden geschreven
21-31 augustus: tijdelijk even geen recensies ivm een kort reces
Zondag 14 juni: Creative Commons licentie BY NC ND van toepassing op alle inhoud
Woensdag 3 juni: zoekfunctie en auteursrechtenonderdeel toegevoegd
Dinsdag 19 mei: template aangepast, hopelijk verbeterd
Vrijdag 15 mei: nieuw template; ontwikkeld door Ourblogtemplates.com, 2008

Auteursrechten

© Copyright Benjamin N. Vis

Uitgezonderd waar anders vermeld, is op alle inhoud van deze blog een Creative Commons Attribution 3.0 License van toepassing. Deze is hieronder gespecificeerd als CC BY NC ND. Voor meer informatie klik op de links aldaar.

  © Blogger templates Inspiration by Ourblogtemplates.com 2008

Back to TOP  

Creative Commons License
werk van Benjamin N. Vis, Nieuwe Geluiden is in licentie gegeven volgens een Creative Commons Naamsvermelding-Niet-commercieel-Geen Afgeleide werken 3.0 Nederland licentie.