Posts tonen met het label triphop. Alle posts tonen
Posts tonen met het label triphop. Alle posts tonen

Liz Janes - Say Goodbye

>> zondag 20 februari 2011

Liz Janes’s Done Gone Fire was één van de eerste platen die op Sufjan Stevens beginnende label Asthmatic Kitty verscheen. Daarna volgde nog twee releases voordat het huidige Say Goodbye werd gemaakt. In die tijd was Liz veelvuldig aanwezig bij labelgenoten (bijvoorbeeld Castanets, Sufjan zelf, Rafter en Odawas). Haar eigen muzikale outings zijn divers en vooruitstrevend te noemen, redelijk in lijn met enkele van die labelgenoten. Van wat ik van de eerdere albums valt op te maken dat na het baldadige Done Gone Fire, via het tevens luidruchtige Poison & Snakes nog het meest van de huidige stijl op Say Goodbye te horen. Create(!) was een EP met public domain songs die ze samen met free jazz collectief Create(!) opnieuw vormgaf. Daarvan moet vooral worden meegenomen dat jazziness niet is weg te denken uit Liz Janes’s stem en melodieën. Say Goodbye kwam tot stand na een periode van ontwikkelend moederschap. Met groeiende rust op dat front, vond Liz Janes de tijd voor een nieuw project dat compleet volgroeid blijkt.

Say Goodbye schudt de experimentele haren af en kiest voor een prachtig vormgegeven geluid. De songs kwamen a capella ter wereld, maar in het traject dat volgde en waarbij gebruikelijke muzikale kornuiten hielpen, lijkt Liz Janes de regie volledig in handen gehouden te hebben. Zoals direct duidelijk wordt uit het lijzig dromerige minimalisme van openingsnummer I Don’t Believe zijn de voornaamste ingrediënten van dit geluid soulfulle jazziness met jazzy triphop in de arrangementen. Dat maakt voor een heerlijk rustgevend warm klinkend album, dat wars is van simpel loungy winstbejag of showgazing zweverigheid. Liz Janes pikt de songs op met de klasse van Marah Carlyle. Hoewel het geluid vol en afgerond klinkt, blijven de tierelantijnen beperkt. Haar fijne stem komt daardoor mooi naar voren. Haar muzikale loopbaan laat her en der van zich horen, maar blijft subtiel gebalanceerd. Daardoor is Say Goodbye het eerste album van haar hand dat ik zonder reserveringen omarm en de kwaliteiten bezit om door brede groepen mensen goed ontvangen te worden. In alle ogenschijnlijke eenvoud worden aansprekende genres gecombineerd tot een uiterst stijlvol geheel. Op Say Goodbye vallen alle stukjes samen.

Read more...

Caro Emerald - Deleted Scenes from the Cutting Room Floor

>> zondag 28 februari 2010

De warmbloedige band rondom zangeres Caro Emerald komt verrassend genoeg gewoon uit Nederland. Normaal gesproken gaat ze dan ook door het leven als Caroline van der Leeuw. Er is al veel te doen geweest om Caro Emerald’s debuut, met als voorlopig hoogtepunt de presentatie aan Nederland in DWDD. Bovendien schalde het nummer A Night Like This al enige tijd over de radio. De tijd is meer dan rijp om eens te gaan luisteren of al deze lof is verdiend. Deleted Scenes from the Cutting Room Floor drijft op een aanstekelijke tropische big band sound met de nodige nostalgische elementen en relatief zware, ritmische beats. Daarin tilt de begiftigde vocaliste hun sound uit boven het geluid dat ook zeer geliefd is in de lounge. Kritiekpunt is wel dat de geprononceerde invloeden vanuit populaire genres als R&B en soul de songs weinig goed doen, zeker in combinatie met de toch al erg pregnante beats. Internationale aanknopingspunten kunnen worden gevonden in op triphop geïnspireerde acts als Bitter:Sweet en Sharleen Spiteri. Waar deze artiesten goed overweg kunnen met allerhande moderne invloeden die het geluid divers en origineel maken, klinkt Caro Emerald eigenlijk op haar best in de meest klassieke, akoestische vorm. Helaas is daarvoor op het album slechts een bijrol weggelegd. Het is wellicht niet helemaal aan de zangeres te wijten dat de te drammerige arrangementen de nummers op het album enigszins inwisselbaar laten klinken. Wellicht dat het grote succes van dit album, het haalde reeds de eerste positie in de album top 100, nieuw werk iets meer artistieke vrijheid zal laten. Gelukkig is ieder nummer afzonderlijk best lekker en vocaal blijft Caro Emerald ijzersterk.

Read more...

Homelife - Exotic Interlude

>> maandag 16 november 2009

Een beetje tegenwicht is altijd welkom. Aangezien er altijd verschillende platen zijn die perfect overeenkomen met het jaargetijde, is het ook heerlijk om een warme folkpopplaat als Exotic Interlude ernaast te leggen voor een knusse gloed dit najaar. Gezien de titel past het misschien beter als nazomer plaat, maar het zal bij de gemiddelde warmtebron met dimlicht niet misstaan. Sowieso maakt het prettig lome tempo het album uitermate geschikt voor een nachtelijke soundtrack.

Ondanks een bestaan van ruim een decennium is het niet vreemd als de naam Homelife niet direct een belletje doet rinkelen. Bij het horen van Exotic Interlude rijst wel de vraag waarom dat is. In al die jaren maakte Homelife vier albums en veranderde nog veel vaker van samenstelling. Op het hoogtepunt bevatte de band zelfs achttien leden. Dat staat in scherp contrast met de bescheiden opzet van twee bandleden nu. Die twee bandleden zijn toepasselijk genoeg wel de mannen die toen al aan de basis van de band stonden: Paddy Steer en Tony Burnside. In de opzet is het duo in ieder geval geslaagd, want het geluid kent een solide kern met herkenbare stijlkenmerken, die hun buitenbeetjes reputatie bevestigt. Hoewel een veelvoud aan klanken gebruikt wordt, is het merendeel van wat ten gehore wordt gebracht akoestisch tot stand gekomen. Afkomstig uit Manchester lijkt het huidige Homelife al het stedelijke te ontkennen. Toch is wel een typische Engels gevoel bewaard gebleven. Het is bepaald niet makkelijk hun geluid te vast te pinnen. Er zijn momenten dat Yo La Tengo niet ver weg lijkt en zelfs het idiosyncratische I Am Kloot lijkt mee te kijken. Dat laatste is misschien dan toch te danken aan de stad die ze delen. De kleine opzet, maakt echter dat Exotic Interlude vooral ook dichtbij folk blijft. Daarin drijft een typische Engelse vorm van tropische accenten rond met van die Hawaïaans klinkende glijders. Op de meest ontspannen, lyrische momenten is Exotic Interlude ook geschikt voor onder film, maar dan laat het plotseling weer een excentrieke en humoristische kant zien die zelf alle aandacht opeist.

Homelife heeft van Exotic Interlude een spitsvondig muzikaal album gemaakt dat zijn inspiratie op vreemde plaatsen heeft gevonden, hetgeen tot een eveneens bonte verzameling liefhebbers zal leiden.

Read more...

Archive - Controlling Crowds Part IV

>> woensdag 11 november 2009

De afgelopen albums van het collectief Archive rondom Darius Keeler en Danny Griffiths waren allen ontegenzeggelijk overweldigend. Controlling Crowds was enkele maanden geleden het nieuwe hoofdstuk en alsof een bijna tachtig minuten durend opus nog niet voldoende was, wordt er met Part IV een hoofdstuk aan toegevoegd. Part IV kan als los album worden aangeschaft of samen met de eerdere drie delen van Controlling Crowds. De nieuwe plaat doet dan ook geenszins onder voor een volledig album.

Met de voorgaande drie albums (inclusief Controlling Crowds) vond Archive steeds meer een stabiel eigen gezicht dat met iedere release en tour nieuwe liefhebbers aan zich bond. Dat proces wordt met Part IV alleen maar voortgezet. Controlling Crowds vergrootte het contrast in de idiosyncratische songstructuren van accentuerende stijlen. Hoewel die aanpak minder subtiel is dan voorheen, leverde dat een album op dat je op onbewaakte momenten op een emotionele afgrond brengt. Part IV gaat ook weer voortvarend van start. De rol van rap, zoals Archive met Londinium in 1996 ooit begon, wint op alle delen van Controlling Crowds terrein. Gelukkig is het rap van de goede soort. Toch vergroot het ook de delen van de albums die minder melodische subtiliteit bevatten. Aanvankelijk lijkt Part IV zelfs de grote contrasten te schuwen en daarmee af te vlakken en minder dynamische rijkdom in zijn muzikale lagen te bevatten. Anderzijds is het ook mogelijk dat je na tachtig minuten gewoon zelf bent afgevlakt van het behoorlijk muzikaal geweld dat eraan vooraf ging. Een luistersessie van Archive is een mooie ervaring, maar beslist geen sinecure. Met The Empty Bottle hervindt Archive op Part IV toch weer de rust om je zintuigen op scherp te zetten en met enkele verrassingen te komen. De overgang van het etherische Come On Get High naar de typerende Londinium rap van Tought Conditioning is ijzersterk. Later hoor je een klassiek aandoende ballade als To The End en met het atypische Lunar Bend vindt Controlling Crowds als geheel een zacht bevredigend en comfortabeler eind dan met Funeral. Het echte eind is ingeruild voor perspectieven.

Part IV geeft Controlling Crowds een extra dimensie die zeker niet als overbodig kan worden bestempeld. Waarom het collectief er dan voor koos om de plaat in tweeën uit te brengen, in plaats van direct als dubbellaar, blijft onduidelijk. Het werkt in de hand dat de luisteraar op zoek gaat naar bestaansrecht en verschillen in een groot muziekstuk dat kennelijk als geheel moet worden behandeld. De volgende keer mag het van mij weer op de gebruikelijke wijze, hetgeen overigens niets afdoet aan de wederom opmerkelijke kwaliteiten van dit verlengde nieuwe Archive document.

Read more...

Klein - A Devil's Bargain

>> zondag 25 oktober 2009

Het leven van een recensent is mooi als je op één avond twee grootse platen mag recenseren. Het Nederlandse gezelschap Klein debuteert met A Devil’s Bargain dat een werkelijk prachtige collectie jazzy popsongs bevat. De timing van de release had niet beter kunnen zijn, want Klein ademt de warmte van een gloedvolle herfstdag. De kern van de groep bestaat uit singer-songwriter Roel Kleintjens en zangeres Merel Wijnberg. Daaraan is inmiddels gitarist Eric Leenes als vast bandlid toegevoegd. De liedjes hebben aandacht voor de diepe emoties van soul en de lichtvoetigheid van pop. Toch blijft de jazz Kleins meest opvallende stijlkenmerk. Even opvallend, maar minder consistent aanwezig, is de interesse voor triphop. Dat geeft de ruimte aan van die fijne vibrato orgelklanken en donkere ritmes. Het zou wat simplistisch zijn om de labels jazz en triphop op Klein te plakken en daarbij net te doen alsof er niet meer gebeurt. Klein doet dat zelf ook niet. De sensitieve arrangementen en de schitterende zangstem van Merel brengen alles van klassieke jazz tot het schier perfecte popliedje met verve. De ingetogenheid van A Devil’s Bargain siert door het behoud van de mooie combinatie van diepe lagen en onbezorgdheid, waarbij er voortdurend een pure, genietbare, ontspannen sfeer heerst. Constant weet Klein dat onbeschrijfelijke gevoel van geborgenheid op te roepen dat goede muziek soms kan hebben. Dat zal bij het grotere publiek op de aanstaande editie van Noorderslag vast niet onbemerkt blijven. Het zoekt de spanning niet op, maar A Devil’s Bargain is dit jaar onbetwist één van de fijnste debuten van eigen bodem.

Read more...

Castanets - Texas Rose, The Thaw & The Beasts

>> zondag 16 augustus 2009

Het vorige album van Castanets herhaalde hun excentrieke, muzikale reputatie. De band schuwt het experiment allerminst. De huidige plaat, Texas Rose, The Thaw & The Beasts, lijkt daar vanaf te wijken. Aan de ene kant zet het album in met een veel traditionelere bluesy americana stijl en vervolgens zet Castanets in het begin op zeer melodische en samenhangende wijze door. Het sombere en gelaten sfeertje heeft de neiging om bij vlagen pregnant de aandacht op te eisen. In eerste instantie blijft de bevreemding op Texas Rose, The Thaw & The Beasts dus wat achterwege, maar dat laat juist de ruimte aan een zeer aangename en mooie visie op americana. Castanets hebben experiment dus niet direct nodig om een bijzonder eigen geluid te vormen. In Worn From the Fight ontwikkelt het album zich in nieuwe richtingen waarin een zwaardere muzikale invulling de aandacht opeist. Met accenten vanuit slow-core en triphop weet Castanets een snijdende spanning op te bouwen. Deze spanning is donker, maar enorm mooi. Daarin keert de desolate en licht industriële inborst van de opmerkelijke band terug. Castanets blijft balanceren tussen het schrijven van fijne nummers en eigenzinnig experiment. Ten opzichte van City of Refuge is het ruimtelijke Texas Rose, The Thaw & The Beasts wel een makkelijkere introductie op hun werk. Een beetje geduld wordt door deze Amerikanen altijd beloond. Dit album imponeert echter gelijk.

Read more...

Yoñlu - A Society In Which No Tear Is Shed Is Inconceivably Mediocre

>> donderdag 30 juli 2009

Het is goed mogelijk dat ik één van de weinigen ben die de muziek van Yoñlu op het spoor kwam zonder het diep tragische verhaal achter de singer-songwriter erachter te kennen. De zeer talentvolle lo-fi knutselpop van de Braziliaanse Vinicius Gageiro Marques heeft een fantastische atmosfeer. Met een absurd gemak start het album met het nummer I Know What It’s Like; een ongelofelijk knappe indie gitaarpopsong die doet denken aan het beste werk van ondergewaardeerde de Britse band Alfie. Het zet zeker de toon voor het bitterzoete album, maar voorspelt weinig van wat er komen gaat. Iedere song afzonderlijk heeft een zeer aangename sfeer die je keer op keer verder een diepe donkerte in lijkt mee te slepen. Vreemd genoeg gaat dat gepaard met een constant ontspannende berusting. De mooie, inventieve klankcollages en betoverende gitaarpartijen verhullen echter de thematiek op A Society In Which No Tear Is Shed Is Inconceivably Mediocre. Die is namelijk gitzwart, op het verontrustende af.
Achteraf zou dit alarmerend hebben moeten werken. Maar in de muziek van Yoñlu schuilt een vastberaden visie van enorme, ongrijpbare schoonheid en wie zou daartegen bestand zijn geweest? De zachte, diepe stem van Vinicius snijdt onplezierige en maatschappelijk controversiële onderwerpen aan. Tegelijkertijd stelt de muzikale invulling gerust. De smaakvolle wijze waarop Yoñlu traditionele, opgewekte Braziliaanse muzikale thema’s door laat klinken, draagt nog eens aan die begoocheling bij. Juist in Yoñlu’s ongereserveerde omgang met allerlei muzikale genres ligt de sleutel voor de lofzang die hij muzikale ontroering brengt.
Op exact dit moment drijft er een zware regenwolk over mijn hoofd die een massieve, verticale wolkbreuk inleidt. De perfecte aanleiding om de tragische tranen achter deze wonderbaarlijke plaat prijs te geven. Singer-songwriter Vinicius Gageiro Marques is namelijk een jongen van nog maar zestien jaar oud. In de wereld van deze jonge gaat een hoop ellende en verdriet om. Zodanig zelfs dat zelfmoord de enige uitweg lijkt. Ook zijn muziek gaf niet genoeg verlichting. Het onvermijdelijke vond plaats en hij liet zijn ouders niet meer na dan een brief en een disc. Hierop stonden de prachtige, avontuurlijke popgeluiden die door Luaka Bop nu als album aan de wereld zijn toevertrouwd. Als je dit weet bemerk je dat de zelfmoord op verschillende manieren wordt aangekondigd. Zelf heb ik redelijk onbevangen naar de muziek kunnen luisteren, dat is de lezer van deze recensie waarschijnlijk niet langer gegund.
In de context van al deze droefenis wordt het album misschien nog wel mooier, hoewel wellicht ook te beladen. Aan de andere kant, dit wetende, kan het album alleen vanwege het verhaal al een cultsucces worden. Een succes dat het zeker verdient, maar in mijn ogen beter op een andere manier kan bereiken. Het zit namelijk vol onwereldlijke vondsten die bij iedere luisterbeurt weer doen verbazen. Het is bijna onvoorstelbaar dat een jongen van zestien jaar hiervoor verantwoordelijk is. Wat is het tergend dat dit gelijk het eerste en laatste is dat we van hem zullen horen. Toch geeft die tragiek ook een bijzonder gevoel. Laat je verdwijnen in de ongemakkelijke schoonheid en probeer de opzienbarende emoties in de muziek zelf te proeven.

Read more...

Waiting for Eve - In a Cabin with Waiting for Eve

>> maandag 9 maart 2009

Hopelijk zal deze IACW plaat van Waiting for Eve geen eenmalige execitie blijken. Dit keer werden de muzikale kwaliteiten van de leden van de Franse band Les Blaireaux op de proef gesteld door een samenwerking aan te gaan met Nederlandse jazz-zangeres Una Bergin. Telkens weer leiden de sessies van IACW tot onverwachte resultaten. Zo-ook op deze plaat. Waiting for Eve is opgenomen in Frankrijk en een zinderend artistiek document geworden. Waar Les Blaireaux doorgaans opgewekte en speelse muziek maakt die zich begeeft tussen het Franse chanson en de excentrieke volksmuziek, leiden de composities en arrangementen van Julien Dubois tot veel somberder sferen. De rijke, donkere instrumentatie met de weemoedige, jazzy vocalen van Una Bergin leveren een kenmerkend geluid op. Dit komt in het bijzonder naar voren, omdat de muzikanten hun volkse trekjes niet verleerd zijn. Gelukkig valt dit nergens uit de toon. Zelfs de elektronica die her en der zijn intrede doet versterkt slechts de symbiose. Vluchtig vliegt er een vleugje triphop en Goldfrapp of Mara Carlyle langs, wat de muzikale diepte nog eens vergroot. Een fluwelen drang naar experiment zorgt voor dreigende spanning gevolgd door verlichting in acute droombeelden. Het geheel blijft stemmig met een onmiskenbare Franse inslag. Waiting for Eve brengt wonderschoon sentiment in prachtige harmonieën, die hedendaagse Franse folk en moderne jazz combineert met zeldzame klasse. Met een snik en een diepe zucht sluit je dit album in je hart. Een waar hoogtepunt in het IACW project.

Read more...

Captain, My Captain - Captain, My Captain

>> zaterdag 22 november 2008

Het Nederlandse duo Captain, My Captain debuteren ambitieus. Na de losse en voorzichtige opener Something Strange, ontwikkelt de combinatie van stijlen in de songs steeds meer naar het werk van Goldfrapp, waar ook een laagje triphop à la Portishead niet in ontbreekt. Zelfs Massive Attack krijgt een plaatsje in het onstuimige herfstweer op het album. Captain, My Captain wordt echter nooit zo betoverend of opzwepend als Goldfrapp kan zijn, noch kennen ze de sterke identiteit van Portishead. Misschien is het oneerlijk ze met dergelijke grootheden te willen vergelijken, de inspiratie is echter duidelijk. De alom aanwezige elektronica niegt te vaak naar de gekunstelde en oubollige jaren ´80 synths. Ook de wat stevige ondertoon die zo nu en dan de kop op steekt, is een misplaatst eerbetoon aan zwaardere genres. De songs worden zelden uitgesproken expressief en die visie is wel waar de muziekstijl om vraagt. Het lukt deze afgevlakte en gematigde aanpak maar niet vat op me te krijgen. Waarschijnlijk is dit te wijten aan te veel en te grote ambities, die met kunstgrepen over het hoofd zien dat de potentie van het duo in de stem van Michèle van Trigt ligt. Met minder hoge verwachtingen valt er van de meest bescheiden momenten ook het meest te genieten.

De release party van het album is op 30 november in het Patronaat Café in Haarlem.

Read more...

Sharleen Spiteri - Melody

>> vrijdag 8 augustus 2008

Zo af en toe is een plaat met een heerlijk melodramatische toonzetting erg aangenaam. Sharleen Spiteri, oftewel de stem van het Schotse Texas, trakteert ons op een prachtig soloalbum. Haar vocale talent spreekt boekdelen en weerhoudt de nummers ervan uit de bocht te vliegen. De arrangementen zijn met oor voor detail uitgewerkt en vol aangezet. Dit produceert een geluid dat enorm doet denken aan de triphop geïnspireerde platen van Candie Payne en Bitter:Sweet. Tegelijkertijd zijn ook de bronnen Portishead en Goldfrapp aanwezig. Zorgvuldig wordt dit alles gemengd met jaren ’50 en ’60 invloeden en aan de andere kant de Motown soul. Ze zorgde zelf voor de productie en die totale controle leidde tot een geweldige sfeer. De zwaarvrolijke melodiegedreven songs met stevige fundering in het verleden, kijken vooral naar voren. In een mum van tijd laat ze instant successen als Duffy en Adele mijlenver achter zich. Een zweempje zoet, volwassen diepgang en ontspannen uitgevoerd. De elf songs zijn feilloos in elkaar gezet. Melody is een album om verliefd op te worden. Één keer luisteren is daarvoor voldoende.

Read more...

My Brightest Diamond - A Thousand Shark's Teeth

>> dinsdag 17 juni 2008

Met Bring Me the Workhorse maakte Shara Worden, frontvrouw van My Brightest Diamond, een introductie hier direct overbodig. Haar avontuurlijke, klassiek geschoolde inborst verstevigt met A Thousand Shark’s Teeth onbetwist de positie van een vrouwelijke Jeff Buckley. Eigenlijk had dit album haar debuut moeten zijn. De voorbereidingen vergden al enkele jaren voor haar eerste release. Het was echter een goede keuze deze plaat als tweede uit te brengen, want hier wordt een volgende stap gezet in muzikale inventiviteit en abstractie.
De zorgvuldige opbouw van het album, maakt dat alle stijlen evenwichtig binnen de songs culmineren. Afgezien van droompop en rock, worden de hoofdinvloeden afwisselend gevormd door klassiek en Keltische folk. In de mix met een belangrijke rol voor variabele percussie, komt de muziek soms dichtbij triphop. Shara’s zangtechniek is voorbeeldig. Haar prachtige stem houdt het midden tussen een Ierse lamentatie en krachtige klassieke aria’s.
De composities zijn voorzien grondlagen geconstrueerd uit verschillende klanken, die een sfeerverhogende fundering vormen voor de muzikale bouwsels. Dit kleine vrouwtje uit New York weet architectonische grootsheid te vangen in een intiem en geborgen geluid met glorieuze uitspattingen. De boeiende percussie wordt ingevuld met subtiele overgangen, waarin minimale melodische ondersteuning, de eenzame klank van een viool, tot gedoseerd geweld van een vol strijkerensemble en versterkte bas, worden gebruikt. Haar machtige stem bereikt maximale expressie. Het is nauwelijks opmerkelijk dat de grondslag voor het album een klassiek concept had, want de songs zijn verwant aan orkestrale structuren.
Druppelende, rauwe accenten geven de muziek een constante, afwachtende spanning mee, die je onverwachts kan overmeesteren. Het omvat een scala aan emoties, wat zorgt voor een enigmatische ervaring van kwaadheid en worstelingen, naast schone melancholie en liefde. Zo exploreert Shara de volledige binnenwand van je hoofd, waar ze zich compleet in onderdompelt. Ze geeft grauw omlijnde uitzichten op natuur en mens zonder een ongemakkelijke dreiging op te roepen. In zekere zin klinkt het hoopvol, als een angst die de rust van een oplossing al in zich draagt. Zo ontstaat een dromerig geheel, waarin heldere flageoletten van harp en gitaar magische effecten toevoegen.
De lyrische teksten bezingen kleine, persoonlijke omgevingen, verpakt in muziek die de veelzijdige schoonheid van het bestaan uitdrukt. De naam krijgt plotseling een duidelijke betekenis, want de muziek is als een in klein detail geslepen, heldere diamant, waar een ongekende schittering vanuit gaat. Dat dit ook even overweldigend overkomt op het podium, bleek al bij het exclusieve Cd-release concert (met hulde aan Desmet Studio’s perfecte geluid).
Nergens is ze ontoegankelijk, hoewel de artistieke authenticiteit misschien wat tijd vraagt om te beklijven. Fijnproevers zullen direct beamen dat A Thousand Shark’s Teeth nog oneindig veel beter is dan haar debuut. Het is een beladen predicaat, maar met een plaat die lijkt op Goldfrapp’s Felt Mountain, Patrick Watson en Beth Gibbons, mag hier met recht gesproken worden van een meesterwerk.

Read more...

Doelstelling van deze blog

Meer aandacht voor het (nog) onbekende. In tenui labor of toch niet?

Mededelingen

Donderdag 1 juli: deze week weer een frisse herstart verwacht.
Kort reces tot 13-05-10.
Na een kort reces vandaag (24-02-10) weer aan de post. Inmiddels is deze blog twee jaar geworden!
Gedurende december zullen er minder recensies worden geschreven
21-31 augustus: tijdelijk even geen recensies ivm een kort reces
Zondag 14 juni: Creative Commons licentie BY NC ND van toepassing op alle inhoud
Woensdag 3 juni: zoekfunctie en auteursrechtenonderdeel toegevoegd
Dinsdag 19 mei: template aangepast, hopelijk verbeterd
Vrijdag 15 mei: nieuw template; ontwikkeld door Ourblogtemplates.com, 2008

Auteursrechten

© Copyright Benjamin N. Vis

Uitgezonderd waar anders vermeld, is op alle inhoud van deze blog een Creative Commons Attribution 3.0 License van toepassing. Deze is hieronder gespecificeerd als CC BY NC ND. Voor meer informatie klik op de links aldaar.

  © Blogger templates Inspiration by Ourblogtemplates.com 2008

Back to TOP  

Creative Commons License
werk van Benjamin N. Vis, Nieuwe Geluiden is in licentie gegeven volgens een Creative Commons Naamsvermelding-Niet-commercieel-Geen Afgeleide werken 3.0 Nederland licentie.