Posts tonen met het label roots. Alle posts tonen
Posts tonen met het label roots. Alle posts tonen

Johnny Flynn - Been Listening

>> maandag 7 juni 2010

Singer-songwriter Johnny Flynn debuteerde met het op folk geïnspireerde A Larum. Opvolger Been Listening toont een artiest die nooit iets anders lijkt te hebben gedaan dan het schrijven dan ijzersterke songs. Na een formele muziekopleiding en theaterschool was het relatieve succes van A Larum de laatste zet in de richting van muzikale vrijheid. Die vrijheid blijkt nu uit de grote diversiteit in de songs op Been Listening.

De meest aansprekende nieuwe invloed is de komst van groovy drummer Dave in de band. Hoewel Johnny Flynn in essentie een singer-songwriter blijft, is de band vormend voor de arrangementen. Openingstrack Kentucky Pill en het door koperblazers geaccentueerde Churlish May worden gekenmerkt door zonnige Zuid-Afrikaanse ritmiek. Johnny Flynn groeide weliswaar op in Groot-Brittannië, hij werd geboren in Johannesburg. Voor wie het wereldkampioenschap liever op muzikaal verantwoorde wijze doorbrengt is Been Listening daarmee de perfecte plaat. Overigens is de inspiratie voor de titelsong afkomstig van een evangelist die God verzocht door onder pseudoniemen de duivelse blues te spelen. Ondanks Zuid-Afrika en de blues was de directe aanleiding voor Flynn’s muzikale aspiraties Bob Dylan’s plaat The Freewheelin’. Het gevarieerde, stevige singer-songwritergeluid met vleugje folk dat zijn muziek op Been Listening kleurt, levert hem de vergelijking met de grote Cat Stevens op. Het mag duidelijk zijn dat Johnny Flynn op natuurlijke weg zijn plaats tussen de erfenis van grote namen opeist. Dat doet hij zonder tomeloos te kopiëren, hetgeen hem siert. Bovendien zitten de opvallend verhalende songs eenvoudigweg goed in elkaar, doordat hij telkens weer de juiste balans tussen taal en muziek vindt. Been Listening is zonder meer een overtuigende singer-songwriterplaat.

Read more...

Judson Claiborne - Time and Temperature

>> woensdag 19 mei 2010

Christopher Claiborne Salveter trad eerst op met de melancholische band Low Skies. Enige tijd terug bracht hij in eigen beheer zijn debuut Before Midnight Scholar uit onder de naam Judson Claiborne. Die naam is een bijnaam die hij van zijn vader kreeg. Naar eigen zeggen luidde dat een transitieperiode van herwonnen creatief bewustzijn in. Het project is duidelijk persoonlijker dan een band, maar dit tweede album Time and Temperature laat toch vooral een vol bandgeluid horen.

Opvallend zijn de mooie foto’s die het album omhullen. Deze zijn het resultaat van het werk van fotografe Sarah Wilmer in samenwerking met de band zelf. Zoals Judson Claiborne in zijn songs opmerkelijke en bevreemdende verhalen vertelt, tonen de beelden esoterische narratieven gehuld in mystieke duisternis. De inspiratie voor de onderwerpen en portrettering is direct afkomstig van de thematiek en details in de songs. Om de foto’s qua sfeer zo te krijgen, heeft de band drie dagen in de bossen gespeeld. Het resultaat van de aandacht die is besteed aan het artwork dreigt echter de muzikale prestaties te overtreffen.

De psychedelisch rockende basis van waaruit roots en indiefolk liedjes groeien, is overal van ruim voldoende niveau. Hun geluid is bij vlagen voelbaar geëngageerd en afwisselend creatief. Daarin speelt de inzet van twee leden van circus punk fanfareband Mucca Pazza, Ronnie Kuller en Jeff Thomas, een belangrijke rol. Jeff componeerde en dirigeerde de strijkers- en hoornarrangementen en Ronnie tekende voor viool en extra vocalen. Ook voor de engineering van de plaat is een degelijk talent aangetrokken: Tim Iseler (Wilco, Iron and Wine en The Swell Season). Americana is niet weg te denken uit Judson Claiborne’s geluid. Soms klinken de songs als een gemoedelijk jaren ’90 (soft)rock band en hun psychedelica doet denken aan Starless & Bible Black.

Uiteindelijk blijft Time and Temperature duidelijk pop vermengd met folk. Alles klopt en er is niet teveel geprobeerd alle invloeden tot in perfectie te balanceren. Het album heeft zijn momenten, zoals het mooie Song for Dreaming of het oprechte I Am Learning Pantomime. Daarnaast zet het ingetogen vrolijke sfeertje met een speels orgeltje The Woman Inside of Me apart. Dat komt ongetwijfeld doordat het een cover van Nieuw-Zeelandse singer-songwriter Chris Knox betreft. Er valt dus het één en ander te ontdekken op Time and Temperature en Judson Claiborne’s sound is prima te beluisteren. Desondanks mist er vaak een echte connectie. De band blijkt simpelweg net niet uitgesproken genoeg.

Read more...

The Rodeo - Music Maelström

>> zondag 2 mei 2010

Naam en stijl zijn slechte raadgevers voor de afkomst van The Rodeo. Wie daarvoor gevoelig is valt het anagram van singer-songwriter Dorothée direct op. The Rodeo lijkt echter als naam ook een directe verwijzing naar de folky americana die ruimschoots in haar songs aanwezig is. Desondanks is Dorothée, zoals haar persoonlijke naam doet vermoeden, van Franse afkomst.

Hiermee is echter nog zeker niet alles gezegd. Muzikaal heeft ze breed uitwaaierende roots. Die omvatten naast country ook zeker blues, jazz, soul en gospel. Desondanks maken haar songs een zeer solide en volkse indruk. Bovendien gaat achter de vaak lieflijk aandoende arrangementen een flinke dosis rauwe energie schuil die de puntigheid kent van menig volledige popband. Op diverse momenten is de vergelijking te trekken met Howling Bells’ stevige melancholie. Die duistere kreten worden overigens telkens snel afgewisseld met een staaltje genrekennis. Iedere song an sich vertoont genreontwijkend gedrag. Wat als een onschuldig country deuntje begint, kan op inventieve wijze omslaan. Music Maelström doet daarmee zijn naam eer aan. Daarnaast klinkt The Rodeo behoorlijk strakker en geconcentreerder dan de speelsheid waar echte folkartiesten zich van bedienen. Niet alles hoeft perfect te zijn, maar kracht is een stilistisch sleutelwoord. Haar brede interesse krijgt daarin ruim baan. Enkele songs kunnen stukjes van covers bevatten van opvallende artiesten die niet makkelijk met The Rodeo te rijmen zijn. Haar pittige vorm van folk is wellicht geen echte avant-garde, maar doet evengoed vaak wel zo aan. Op Music Maelström klinkt folk uiterst divers.

Read more...

John Carrie and Moor Green - Clearing Air

>> woensdag 10 februari 2010

Het debuut van de Iers-Amsterdamse groep John Carrie and Moor Green, Folk is not Happy, zit nog vers in het geheugen, al was het alleen vanwege de lovende recensies. Op Clearing Air wordt de ingeslagen weg op engagerende wijze vervolgd. Het liedjes schrijven en muziekspelen zit steeds beter in de vingers. De ietwat rauwe, rockende rootsy ballades van John Carrie and Moor Green boeien ook dit tweede album, waarop een duidelijke ontwikkeling en verbreding van het geluid te horen is. Happy zijn de heren nog altijd niet. In beginsel zorgt de lamenterende stem van John Carrie daar al voor, maar ook de aangesneden onderwerpen zijn alles behalve lichtzinnig. Toch zit er in de volkse cadans altijd een zweempje lichtvoetigheid die de muziek niet tot een diep gitzwart gat laat vervallen. Bij vlagen ligt zelfs enige vrolijkheid op de loer. John Carrie and Moor Green stelt op Clearing Air niet teleur en consolideert het muzikale talent. De stevige rootsy klank zal de liefhebbers van het genre blijven aanspreken, maar is niet overstijgend genoeg om de oversteek naar de bredere pop of folk te maken.

Read more...

Andi Almqvist - Glimmer

>> zondag 24 januari 2010

De Zweedse singer-songwriter Andi Almqvist wordt door velen gecategoriseerd in het rootsgenre. De naam van zijn label Rootsy.nu doet dat ook graag geloven, maar wie naar Glimmer luistert, zal bemerken hoe beperkend deze naam is. Toegegeven, de invloeden van de americana roots zijn onmiskenbaar aanwezig. Toch biedt Glimmer een veel rijkere luisterervaring waar evengoed moderne singer-songwriter en Europese invloeden in te vinden zijn. Zo zijn vergelijkingen te maken met Woven Hand en Smog, naast recentere excentriekelingen als Black Eyed Dog en Lyenn. Dit zet de donkere toon.

Andi is gezegend met een flink zware, doorleefde stem, wellicht door rook en dranks getekend, hetgeen goed past bij songtitels als Amsterdam en Krautobahn. Door de promoagent worden bierkelders en zigeunerwijken toegevoegd aan zijn vermeende favoriete stekken. Maak echter niet de vergissing dat dit betekent dat Glimmer een ongebreideld rauwe, rechttoe rechtaan plaat is. Gezien het voorzegde klinkt het album namelijk verrassend sfeervol en subtiel. Door zijn prachtige, gruizige stem druipen ook drama en emotie van de songs af, zij het dat enkele nummers kwalitatief achterblijven. Het vocale effect wordt versterkt door de volle, doch sobere arrangementen die worden verzorgd door ervaren gastmuzikanten: Pelle Ossler (gitaar), Sara Jefta (viool), Conny Städe (drum) en de grote instrumentcollectie van Bebe Risenfors. Daarbij kan de mooi stille en droge productie van de tevens meespelende Carl Granberg niet onvermeld blijven.

Ondanks de diepe sombertes, blijkt Glimmer ook een zeer fijne luisterplaat, waarmee Andi Almqvist een blijvende indruk achterlaat. Degenen die normaal gesproken niet van roots houden, is het van harte aanbevolen dit album eens te proberen. Hoewel Andi Almqvist niet het toonbeeld van vernieuwing is, weet hij met Glimmer in onverwachte hoek nieuwe zieltjes te winnen.

Read more...

Paul Armfield - Blood, Fish & Bone

>> woensdag 30 december 2009

Bij eerste kennismaking is Blood, Fish & Bone een relatief onopmerkelijke plaat. Onopmerkelijk niet in de zin van saai, maar in de zin dat alles goed zit. Het album zet in als een typische man-met-gitaar singer-songwriter plaat, maar weet algauw te overtuigen van zijn bredere kwaliteiten. De subtiel en rustig uiteengezette songs doen niet vermoeden dat ze uit de strot komen van de ruig ogende, bebaarde Paul Armfield. Zijn verleden als boekwinkelmanager lijkt dat beter te verklaren.

Blood, Fish & Bone sluit aan bij roots en folkgenres, maar doet geen van beide op traditionele wijze. Die donkere, bronzen eigengereidheid past goed bij het singer-songwriterschap. Vaak is er sprake van kabbelende songstructuren die haast vergelijkbaar zijn met het verstilde The White Birch. Toch blijkt het onopmerkelijke plaatje al gauw opvallende trucs verborgen te houden. Het meeslepende, donkere Sloe Gin is daar een aansprekend getuige van. In het vervolg, What Would Susan Do?, begint Paul’s kopstem plotseling erg te lijken op Guy Garvey’s (Elbow) vocalen. Op zijn beurt weet Run met een feilloos ritme, waarin een mooie rol voor percussie en dynamiek is weggelegd, te imponeren. Niet iedere song laat dergelijke indrukken achter, maar geen enkele song stelt teleur. Wie goed luistert ontdekt ook minuscule, originele vondsten in de spaarzaam variërende arrangementen. Die worden perfect gedragen door de mooie selectie muzikanten waarmee Paul zich omringt. Geen enkele klank wordt geïntroduceerd zonder daar later wat mee te doen en telkens maximaliseert Paul het effect daarvan. Zo weet hij op dit tweede album met een langzaam maar zeker vorderende tred stilistisch steeds verder te intrigeren.

Hetgeen een onopmerkelijke singer-songwriter plaat leek bij aanvang, blijkt na afloop stevige sporen te hebben nagelaten. De ook niet vanzelfsprekende teksten dragen daaraan zeker bij. Paul Armfield heeft de verstandige zet gemaakt niet langer tussen de boeken te verstoffen, maar het gezelschap van andere, voormalige Britse troubadours op te zoeken en daar een besliste eigen draai aan te geven.

Read more...

Carolyn Mark and N.Q. Arbuckle - Let's Just Stay Here

>> dinsdag 29 september 2009

Dit album gaat zowel als concept als luisterervaring volledig over de samenwerking tussen Carolyn Mark and N.Q. Arbuckle. Het samenspel staat centraal. Nadat in 2005 het duo een duet opnam voor een ander project van Carolyn, wisten ze dat ze muzikaal een hoorbare klik hadden. Daarom was de weg van Victoria naar Toronto voor deze muzikanten een eitje. Niets is voor de muzikant fijner dan geestverwanten te vinden waarmee het goed musiceren is. In het geval van dit duo is samen schrijven en spelen hun tweede natuur en dat is te horen. De gevarieerde selectie americana songs hebben een stevige roots rock inslag. Het album bevat drie covers, zes nummers van Carolyn en drie van N.Q. Arbuckle. Let’s Just Stay Here vormt desondanks een solide geheel waarin de twee een notabele stijl neerzetten. De band van N.Q. Arbuckle tekende voor de verdere invulling van de begeleiding, die daardoor ook nog eens aangenaam soepel klinkt. Afwisselend bewegen de songs in de richting van traditionelere country of een rijkere popuitstraling, maar bewaren de continuïteit. Het samengaan van de rokerige rockstem van NQ Arbuckle en de heldere vocalen van Carolyn helpt daar ook bij. De samenwerking houdt nog altijd niet op, want vervolgens werden er nog een viertal gasten bij betrokken. In de studio zal het gezellig druk zijn geweest. Let’s Just Stay Here raakt de kern van goede americana door een zeer oorspronkelijk gevoel op te roepen dat de luisteraar vooral bij het musiceren zelf in plaats van het eindproduct lijkt te betrekken.

Read more...

Nina Kinert - Let There Be Love

>> zondag 2 augustus 2009

Wat ons afgelopen jaar ook al met de Noorse Hanne Hukkelberg gebeurde, overkomt ons weer met Nina Kinert. Net als Hanne Hukkelberg was Nina Kinert voordat ze internationaal voet aan de grond kreeg in eigen land al bekend en bejubeld. Let There Be Love gold in Zweden als haar tweede album. Na het succes van het album Pets & Friends en single Beast, is het vanaf nu niet langer nodig om Let There Be Love via de import te laten komen. Deze release valt samen met haar optreden op Lowlands, dus nieuwe fans kunnen gelijk in hun behoefte worden voorzien. Met Let There Be Love kunnen we nu de ontwikkeling van de singer-songwriterkwaliteiten van Nina Kinert beter beoordelen. Het valt op dat dit album een stuk ingetogener is dan Pets & Friends. Ook blijkt haar liefde voor eenvoud in muzikale lijnen zich niet te beperken tot één stijl. Op Pets & Friends waren invloeden van elektropop en powerpop aanwezig, terwijl op Let There Be Love een veel duidelijkere rootsy folk inspiratie boven komt drijven. Misschien schemeren hier de invloeden vanuit het bijklussen als achtergrondzangeres bij Ane Brun nog in door. Het is niet vreemd dat Nina Kinert met dit album goed ontvangen werd in haar thuisland. Ze toont zich ook hier een bovengemiddeld begiftigd zangeres, die zonder grote slagen van vernieuwing spreken van een bijzonder karakter.

Read more...

Sarah Siskind - Say it Louder

>> woensdag 22 juli 2009

Say it Louder is inmiddels alweer het vierde album van de gevierde singer-songwriter Sarah Siskind. Al van jongs af aan was ze bezig met pianospelen, zingen en liedjes schrijven. Op de afgelopen vier albums toonde ze zich dan ook een uitzonderlijk begiftigd zangeres. Haar potente, indringende vocalen doen me een beetje denken aan de Israëlische Noa, door het kleine scherpe randje dat in haar heldere stem zit. In 2008 toerde ze nog met Bon Iver door verschillende landen, waarbij iedere avond samen werd afgesloten met het lied Lovin’s For Fools. Nu, kort daarna, ligt het nieuwe album klaar om nog weer meer mensen te bereiken. Voor Say it Louder kreeg ze medewerking van Jerry Douglas, Ian Fitchuk, Julie Lee, Jason Lehning, Joe McMahan, Lex Price en Jodi Deyfried. Ondanks deze aanzienlijke entourage heeft Sarah Siskind ook op plaat gelukkig het lef om met slechts een gitaar of piano een heerlijk lied neer te zetten. Zelfs a capella (Go) weet ze een die slijpende indruk achter te laten. Gesproken in genres valt een grote diversiteit aan americana en softrock invloeden op. Toch blijft Sarah Siskind voornamelijk een indiepop act. De Appalachen roots en bluegrass jeugd steken zo af en toe nog de kop op in de even prachtige als krachtige songs. Ze groeide dan ook op in North Carolina en woont nu in Nashville, midden tussen al die invloeden. Door de aansprekende en toegankelijke harmonieën en kenmerkende arrangementen zal je Say it Louder niet gauw vergeten. Sarah Siskind laat nogmaals merken dat ze alles in zich heeft om snel een zeer grote naam te worden.

Read more...

Royal City - 1999-2004

>> maandag 20 juli 2009

De Canadese folkrock band Royal City ging inmiddels al vijf jaar geleden ter ziele. Dat uitgerekend Asthmatic Kitty (het label van Sufjan Stevens) ook na die jaren alsnog een compilatie b-sides uitbrengt, is geen toeval. Bij leve was Sufjan Stevens naast muzikanten als bijvoorbeeld Leslie Feist, Bob Wiseman en Gentleman Reg, één van de gastmuzikanten die bijdragen leverden aan Royal City’s werk. In 2003 had Royal City hun eerste optreden in New York bij Sufjan Stevens thuis. Nu zijn hun laatste stuiptrekkingen wederom door diezelfde Stevens te beluisteren. Het betreft een collectie die strekt over het gehele bestaan van de band: van 1999 tot 2004. De plaat is ingetogen en sober. Door de niet altijd perfecte productie valt de collectie te beluisteren als een heel laat avondje rondom het kampvuur, vlak voordat de zon opkomt. Het lijken oprechte, eerlijke liedjes en melodieën, die bijna spontaan ontstaan uit voorzichtig aftastend spel. Toch zijn er twee covers aanwezig: van Iggy Pop en The Strokes. Deze laatste draagt de, in dit geval veelzeggende, titel Is This It? De lome, slow-core en lo-fi sfeer doet denken aan Peter & the Wolf, maar ook een beetje aan Tindersticks of een milde versie van de rauwe rock-‘n-roll van O’Death. In dat brede spectrum is veel terug te horen van het originele gezicht van de band. Grote verrassingen zal deze compilatie niet verbergen, maar het is best een aardige plaat.

Read more...

Hobotalk - Homesick for Nowhere

>> dinsdag 11 november 2008

De Schotse indiepop heeft een geweldige reputatie. Met hun derde studioalbum draagt Hobotalk daar zeker zijn steentje aan bij. Hun sobere, subtiele folkpop met een gedistingeerd roots-randje zit geweldig goed in elkaar. Ondanks de somberte die Schots eigen lijkt te zijn, kennen de songs altijd een gebalanceerde pracht. Experimentele creativiteit is aan banden gelegd, maar met het songschrijverschap en aangename instrumentbeheersing zou ik op geen enkele andere wijze van hun mooie melodieën willen genieten. De donkere en mistige verhalende sfeer delen ze met de eigenzinnige James Yorkston, onwillekeurig moest ik echter ook denken aan de mooie plaat van James Jackson Toth eerder dit jaar. Homesick for Nowhere appelleert aan de dolende ziel en drijft op het clandestiene ritme van de nacht. De dromerige, bedachtzame fluisterstem van Marc Pilley verstilt en ontroert. Bitterzoete weemoed overheerst op dit melancholische album, op de aparte instrumentale interludes na, want die toveren luchtig een glimlach op je gezicht, pauzes in de sfeer. Ingetogen en akoestisch is Hobotalk ontegenzeggelijk op zijn sterkst en daar is gelukkig veel sprake van op Homesick for Nowhere. Een blinde aankoop voor liefhebbers.

Read more...

Danny and the Champions of the World - Danny and the Champions of the World

>> vrijdag 31 oktober 2008

Wat direct opvalt als je deze plaat afspeelt is de intense, ietwat eigenaardige stem van Danny Wilson. Slechts enkele seconden later besef je dat de instrumentatie op dit folky rootspop album qua karakter daarvoor niet onderdoet. Met bijdragen van leden van Goldrush, Brakes, Electric Soft Parade en Neal Casal, heeft Wilson zijn eigen selectie kampioenen om zich heen verzameld als begeleidingsband. De songs volgen redelijk conventionele structuren, toch klinkt het album zeer uniek. In zang en spel komen bijzondere harmonieën en instrumentgebruik als sterke troeven naar voren. Zonder direct sober te zijn, roept de plaat een deelbare, intieme sfeer op. In muziek en karakter is er een associatie met de vrije verlorenheid van de jaren ’70. Het album ontstond uit een zomerse rondgang over het platteland, clubs en festivals aandoend met vrienden (broeders en zusters). Naar verluidt is het collectief ook op het podium een belevenis. Het is aan de luisteraar om te ontdekken wat toch die speciale ‘yesness’ is. Duidelijk is dat Danny en zijn kampioenen een indrukwekkend mooi album maakten.

Liefhebbers van Goldrush, Badly Drawn Boy en Ben Christophers mogen zich aangesproken voelen.

Read more...

The Acorn - Glory Hope Mountain

>> zondag 5 oktober 2008

Bella Union blijft maar mooie bands brengen. Met The Acorn voegt zich weer een naam bij de inmiddels indrukwekkende oogst aan geweldige folkpopplaten dit jaar. Het Canadese gezelschap kiest na een karaktervol debuut en twee EP’s met Glory Hope Mountain duidelijk het ruime sop. In den beginne maakte leidman Rolf Klausener elektra-akoestische folk, maar zwikte algauw voor een opzet met band. Glory Hope Mountain is gewijd aan het leven van zijn moeder, Gloria Esperanza Montoya. Het album is daarmee verdeeld biografisch en een surrealistisch sprookje. Op de opnames die Rolf van zijn moeder maakte, vertelt zij over haar vroegere leven in Honduras en haar emigratie naar Montreal in 1972. Het onzekere reisgevoel, de schitterende kleuren en rijke warmte van de wouden in Honduras hebben allen een plaats in de muzikale narratieven. In de percussie kan je Hondurese roots terugvinden, waarin ook Caraïbische invloeden uit de kust aanwezig zijn. De sfeer is afwisselend gemoedelijk, vervuld en verstild. Getokkel en slagwerk eisen de hoofdrol op. The Accidental en Bowerbirds zijn nooit ver weg. Over de hele linie is gezorgd voor een eigen identiteit gekoppeld aan een herkenbare structuur in de composities. De urgentie ligt op een minder experimenteel niveau dan eerdergenoemden, maar dat maakt Glory Hope Mountain geenszins minder de moeite waard.

Read more...

The Duhks - Fast Paced World

>> donderdag 18 september 2008

Vanaf de opener is het al duidelijk dat The Duhks popmuziek vanaf een andere hoek benaderen dan het gros. Mighty Storm is en traditionele compositie die ze vakkundig naar hun hand gezet hebben. Op begeesterde, gedreven en iets donkere wijze zetten ze de gospelachtige structuur van de songs om naar een krachtige rockballad, zonder traditie te verloochenen. Dat zet de toon voor de rest van het album. De 12 songs houden een mooie balans tussen eigen en ander werk, maar de sound en de kwaliteit zijn constant. Lange kreten, fiddles, stevige gitaren en industrieel aandoende drums vloeien samen in ouderwets urgente wereldamericana met een onmiskenbare moderne twist. Ruimte voor een rustige opbouw, schoonheid en openheid is er ook. Liefhebbers van traditionele roots tot aan alternatieve rock mogen zich aangesproken voelen.

Read more...

Doelstelling van deze blog

Meer aandacht voor het (nog) onbekende. In tenui labor of toch niet?

Mededelingen

Donderdag 1 juli: deze week weer een frisse herstart verwacht.
Kort reces tot 13-05-10.
Na een kort reces vandaag (24-02-10) weer aan de post. Inmiddels is deze blog twee jaar geworden!
Gedurende december zullen er minder recensies worden geschreven
21-31 augustus: tijdelijk even geen recensies ivm een kort reces
Zondag 14 juni: Creative Commons licentie BY NC ND van toepassing op alle inhoud
Woensdag 3 juni: zoekfunctie en auteursrechtenonderdeel toegevoegd
Dinsdag 19 mei: template aangepast, hopelijk verbeterd
Vrijdag 15 mei: nieuw template; ontwikkeld door Ourblogtemplates.com, 2008

Auteursrechten

© Copyright Benjamin N. Vis

Uitgezonderd waar anders vermeld, is op alle inhoud van deze blog een Creative Commons Attribution 3.0 License van toepassing. Deze is hieronder gespecificeerd als CC BY NC ND. Voor meer informatie klik op de links aldaar.

  © Blogger templates Inspiration by Ourblogtemplates.com 2008

Back to TOP  

Creative Commons License
werk van Benjamin N. Vis, Nieuwe Geluiden is in licentie gegeven volgens een Creative Commons Naamsvermelding-Niet-commercieel-Geen Afgeleide werken 3.0 Nederland licentie.